Home » Tijdschriftartikelen » Overzichtsartikelen » Hematologische respons en overleving in twee opeenvolgende Nederlandse patiëntcohorten met AL-amyloïdose gediagnosticeerd tussen 2008–2016

Hematologische respons en overleving in twee opeenvolgende Nederlandse patiëntcohorten met AL-amyloïdose gediagnosticeerd tussen 2008–2016

Door:
K.H.G. Rutten, BSc
K.H.G. Rutten, BSc

geneeskundestudent, Universiteit Utrecht

Meer informatie en artikelen van deze auteur
dr. R.A.P. Raymakers
dr. R.A.P. Raymakers

internist-hematoloog, divisie Interne Geneeskunde en Dermatologie, afdeling Hematologie, Universitair Medisch Centrum Utrecht

Meer informatie en artikelen van deze auteur
dr. B.P.C. Hazenberg
dr. B.P.C. Hazenberg

reumatoloog, afdeling Reumatologie, Universitair Medisch Centrum Groningen

Meer informatie en artikelen van deze auteur
dr. H.L.A. Nienhuis
dr. H.L.A. Nienhuis

internist-immunoloog, afdeling Reumatologie & Klinische Immunologie, UMCG

Meer informatie en artikelen van deze auteur
prof. dr. E. Vellenga
prof. dr. E. Vellenga

internist-hematoloog, Diakonessenhuis Utrecht

Meer informatie en artikelen van deze auteur
Prof. dr. M.C. Minnema
Prof. dr. M.C. Minnema

internist-hematoloog, afdeling Hematologie, UMC Utrecht Cancer Center

Meer informatie en artikelen van deze auteur

Samenvatting

Alhoewel de kortetermijnprognose van patiënten met lichteketen-amyloïdose (AL-amyloïdose) nog steeds matig is, lijkt deze de afgelopen jaren wel verbeterd. De hematologische respons en overleving van twee Nederlandse cohorten van AL-amyloïdosepatiënten is in kaart gebracht in de periodes van 2008–2012 en 2013–2016. Hiervoor zijn de gegevens van 126 patiënten uit twee tertiaire verwijscentra gebruikt. Er kon geen significant verschil in 6-maandenoverleving worden vastgesteld tussen de twee periodes (78% versus 67%; p=0,2; ruwe oddsratio 1,66; 95%- BI 0,74–3,70; gecorrigeerde oddsratio 2,22; 95%-BI 0,88–5,56). Patiënten uit het cohort 2013–2016 hadden wel hogere Mayo-risicoscores (stadium III 40% versus 24%; p<0,001 en gereviseerd stadium IV 14% versus 11%; p<0,001). Ze gebruikten vaker bortezomib (50% versus 30%) en hadden een betere hematologische respons (complete respons/zeer goede partiële respons bij 39% versus 27%; p<0,001). Opvallend was dat er geen verbetering is opgetreden in de tijd tussen de eerste klachten en het stellen van de diagnose, met een mediane duur van 15 maanden in beide cohorten. Verbetering van de prognose van amyloïdose zou mogelijk zijn als de diagnose eerder, voor het ontstaan van irreversibele schade, kan worden gesteld. Met name het eerder onderkennen van cardiale amyloïdose is van groot belang. (NED TIJDSCHR HEMATOL 2019;16:263–71)
Om het volledige artikel te kunnen lezen, heeft u de volgende mogelijkheden:


* (dit is alleen mogelijk voor Medisch Specialisten en artsen in opleiding tot medisch specialist met BIG nr. met voorschrijfbevoegdheid werkzaam binnen de hematologie in Nederland)

Koop nu voor €1,80 Inclusief 21% BTW
Deze PDF is eigendom van NTvH uitgegeven door Ariez B.V. en mag niet elders worden gepubliceerd of gebruikt.
Ontvang ook onze nieuwsbrief per mail: Inschrijven
© 2021 NTVH
X

Deze website gebruikt cookies voor de juiste werking en om de bezoeker de beste gebruikservaring te geven. Wij gebruiken geen cookies om u te volgen voor marketing doeleinden. Klik op de 'Accepteer' knop om hiermee in te stemmen.