Rituximab in combinatie met chemotherapie verhoogt de overleving bij volwassenen met lymfomen bestaande uit B-cellen. Het middel wordt op dit moment ingezet als behandeling van non-hodgkinlymfoom, chronische lymfatische leukemie, reumatoïde artritis, ernstige actieve granulomatose met polyangiitis en microscopische polyangiitis en pemphigus vulgaris. Er is echter nog weinig onderzoek gedaan naar de werkzaamheid en het bijwerkingenprofiel van de combinatietherapie bij kinderen met B-cel non-hodgkinlymfoom. Een nieuwe studie recent gepubliceerd in het New England Journal of Medicine toont aan dat het toevoegen van rituximab aan de standard chemotherapie, de eventvrije overleving en algehele overleving van kinderen en adolescenten met hoog risico, volwassen-B cel non-hodgkinlymfoom verhoogt.

De open-label gerandomiseerde fase 3-studie bestond uit patiënten onder de 18 met een hoog risico, volwassen B-cel non-Hodgkinlymfoom (stadium III met een verhoogd lactaatdehydrogenase-niveau of stadium IV) of acute leukemie. Er werden zes verschillende doses rituximab getest in combinatie met de standaard chemotherapie. Het primaire eindpunt was de eventvrije overleving. De algehele overleving en toxische effecten werden eveneens beoordeeld.

De analyses waren gebaseerd op 328 patiënten die randomisatie ondergingen (164 patiënten per groep). Hiervan had 85,7% van de patiënten Burkitt's lymfoom. De mediane follow-up bedroeg 39,9 maanden. Events werden waargenomen bij 10 patiënten in de rituximab-chemotherapiegroep en bij 28 in de standaard chemotherapiegroep. De eventvrije overleving na 3 jaar was 93,9% (95% BI 89,1 tot 96,7) in de rituximab-chemotherapiegroep en 82,3% (95% BI 75,7 tot 87,5) in de chemotherapiegroep (HR 0,32; 95% BI 0,15 tot 0,66; eenzijdige P = 0,00096).

Sterfte en bijwerkingenprofiel

Er waren 8 stergevallen in de rituximab-chemotherapie-groep (4 sterfgevallen waren ziektegerelateerd, 3 waren behandelingsgerelateerd en 1 was van een tweede kanker). Het sterftecijfer bedroeg 20 in de chemotherapiegroep (17 sterfgevallen waren ziektegerelateerd en 3 waren behandelingsgerelateerd) (HR 0,36; 95% BI, 0,16 tot 0,82). De incidentie van acute bijwerkingen van graad 4 of hoger bedroeg 33,3% in de rituximab-chemotherapiegroep en 24,2% in de chemotherapiegroep (P = 0,07). Events waren voornamelijk gerelateerd aan febriele neutropenie en infectie. Ongeveer twee keer zoveel patiënten in de rituximab-chemotherapiegroep als in de chemotherapiegroep hadden 1 jaar na opname van de studie een laag IgG-niveau.

Concluderend kan gesteld worden dat rituximab in combinatie met de standaard chemotherapie een verbetering in eventvrije overleving en algehele overleving teweeg bracht bij kinderen en adolescenten met hoog risico volwassen B-cel non-hodgkinlymfoom. Wel ging de behandeling gepaard met een hogere incidentie van hypogammaglobulinemie en meer infecties.

 

Bronnen

Minard-Colin V, Aupérin A, Pillon M et al. Rituximab for High-Risk, Mature B-Cell Non-Hodgkin's Lymphoma in Children. N Engl J Med. 2020 Jun 4;382(23):2207-2219.

Farmacotherapeutisch compas