Samenvatting

Een 60-jarige vrouw met chronische lymfatische leukemie (CLL) presenteerde zich poliklinisch met ernstige pijnklachten van de bovenbenen en het bekken. Conventionele röntgenfoto’s en MRI toonden geen afwijkingen. Enkele maanden later werd zij opgenomen met multipele fracturen van femur en bekken. PET-CT toonde geen afwijkingen. Botbiopten van de fractuur toonden CLL-infiltratie, zonder tekenen van transformatie of een solide maligniteit. Botdensitometrie van de lumbale wervelkolom toonde ernstige osteoporose. Zij werd behandeld met rituximab, fludarabine, cyclofosfamide en pamidronaat. Hierop verdwenen de pijnklachten en verbeterde de botdensiteit na 3 maanden met 30%. Fracturen worden zelden gezien bij patiënten met CLL. Deze casus toont aan dat pathologische fracturen kunnen voorkomen bij CLL, ook in de afwezigheid van osteolytische afwijkingen bij beeldvorming. Bij deze patiënte was er een goede respons op behandeling van de onderliggende CLL.

(NED TIJDSCHR HEMATOL 2014;11:109–12)