Nu de COVID-19 infecties weer flink omhoog geschoten zijn sinds het versoepelen van de coronamaatregelen brengt een recente studie uit het Verenigd Koninkrijk verontrustend nieuws. Want het blijkt dat jonge volwassenen, die vanwege een COVID-19 infectie in het ziekenhuis belanden haast evenveel kans op een ernstig ziekteverloop hebben als 50-plussers.

In de Britse studie die recent in The Lancet gepubliceerd werd, werden gegevens van 73.197 volwassenen bestudeerd die tijdens de eerste infectiegolf tussen februari en augustus 2020 in een ziekenhuis opgenomen moesten worden. En het bleek dat 40% van alle 19- tot 49-jarigen ernstige problemen met de nieren, longen of andere organen kreeg.

'Griepje'

Hoofdonderzoeker prof. Calum Semple van het Alder Hey Children's Hospital in Liverpool ziet de studie als een waarschuwing. “COVID-19 is niet alleen een ziekte die ouderen en zwakkeren treft. Deze data bevestigt het beeld dat COVID niet ‘zomaar een griepje’ is. We zien jonge volwassenen in de ziekenhuizen komen met ernstige complicaties, die soms een langdurige behandeling vereisen.”

In de studie werd onderzoek gedaan naar het aantal medische complicaties bij COVID-19 patiënten die in Engeland in het ziekenhuis opgenomen moesten worden. Het blijkt dat ongeveer de helft van alle volwassen patiënten problemen met een of meerdere organen ondervonden gedurende hun verblijf in het ziekenhuis. De meest voorkomende complicatie was nierschade, gevolgd door long- en hartschade.

Comorbiditeiten

Bij patiënten van 50 jaar en ouder ondervond 51% schade aan minimaal 1 orgaan. Maar ook jongere patiënten lopen een fors risico op orgaanproblemen. Bij de dertigers gaat het om 37% van de patiënten, en bij de veertigers om 44%. Daarbij kwamen complicaties het vaakst voor bij patiënten met comorbiditeiten zoals overgewicht en hoge bloeddruk, maar ook bij relatief jonge patiënten zonder medische geschiedenis deden zich veel complicaties voor.

Het onderzoek laat ook zien dat 13% van de twintigers, en 17% van de dertigers die met COVID in het ziekenhuis belandden niet in staat waren om voor zichzelf te zorgen nadat ze het ziekenhuis verlieten. Ex-patiënten melden slepende klachten als vermoeidheid en kortademigheid die maanden kan blijven duren. In sommige gevallen zijn relatief jonge patiënten anderhalf jaar na hun besmetting nog steeds niet in staat om weer volledig te functioneren. Dit fenomeen van langdurige klachten wordt ‘long covid’ genoemd.

Gevaccineerd

Leeftijd blijft wel de meest bepalende factor bij het voorspellen van de ernst van een COVID-infectie. Van de 406.687 mensen die in de eerste COVID-golf in Engeland in het ziekenhuis belandden was 62% ouder dan 65. Maar omdat met name de ouderen en kwetsbaren in hoge mate volledig gevaccineerd zijn, zien we nu dat er relatief veel jonge COVID-patiënten in de ziekenhuizen terechtkomen. In de week die eindigde op 4 juli werden er in heel Engeland slechts 17 mensen ouder dan 85 met COVID in het ziekenhuis opgenomen. Maar bij de groep patiënten tussen 25 en 44 jaar oud waren dat er 478.

De situatie nu, juli 2021 is op zich wel anders dan tussen januari en augustus 2020, stellen de onderzoekers. Vorig jaar waren er nog geen vaccins, en daarnaast waren er ook nog geen virusvarianten vastgesteld. De vaccins helpen wel mee om de ernst van COVID-infecties in de huidige besmettingsgolf in te dammen. Mensen worden wel ziek, maar niet zo ernstig als zonder vaccin. En ook het risico om ‘long covid’ aan de besmetting over te houden is lager. “We weten van andere infectieziekten ook dat complicaties met de nieren of het hart kunnen leiden tot langdurige problemen”, stelt medeonderzoeker dr. Annemarie Docherty van de universiteit van Edinburgh vast. “Het ligt in de lijn der verwachtingen dat dat bij COVID-19 niet anders zal zijn.”

Referentie

Drake TM, Riad AM, Fairfield CJ, et al; ISARIC4C investigators. Characterisation of in-hospital complications associated with COVID-19 using the ISARIC WHO Clinical Characterisation Protocol UK: a prospective, multicentre cohort study. Lancet. 2021 Jul 17;398(10296):223-237. doi: 10.1016/S0140-6736(21)00799-6. PMID: 34274064.