Mensen die behandeld worden voor bloedkankers en die daarvoor zware chemokuren en een stamceltransplantatie ondergaan zijn buitengewoon bevattelijk voor allerlei infecties. En dat speelt een grote rol bij de voeding van deze patiënten. Met dat oogpunt is het LOHDS opgericht, het Landelijk Overleg Diëtisten Hematologie en Stamceltransplantatie. De aangesloten diëtisten stellen zich tot doel om de dieetbehandeling van hematologische patiënten die voor hooggedoseerde chemotherapie en stamceltransplantatie in aanmerking komen te verbeteren.

De LOHDS werkt aan het ontwikkelen van voedingsbeleid bij hemato-oncologische behandelingen, en wil de kennis op het gebied van de oncologische diëtetiek bij deze aandoeningen vergroten. Ook wil het netwerk een rol spelen bij onderzoek naar voeding bij hemato-oncologische patiënten. Tot slot wil de LOHDS fungeren als vraagbaak voor diëtisten en andere hulpverleners.

Lijst aanbevelingen

Er zijn nog geen officiële voedingsrichtlijnen voor hemato-oncologische patiënten die een stamceltransplantatie hebben ondergaan, maar er is wel al veel onderzoek gedaan. Het gerenommeerde in kanker gespecialiseerde Memorial Sloane Kettering Cancer Center in New York heeft een lijst aanbevelingen opgesteld die patiënten en hun verzorgers helpt om voedselveiligheid te vergroten en om ervoor te zorgen dat patiënten voldoende proteïnen en vitaminen binnenkrijgen. Ook zijn er tips om met bijwerkingen van de behandeling, zoals misselijkheid, om te gaan.

Extra kwetsbaar

Voedselveiligheid is zeer belangrijk bij patiënten die een stamceltransplantatie hebben ondergaan. Hun afweersysteem is namelijk verzwakt door de kanker en door de chemobehandeling, maar daarnaast is hun immuunsysteem sowieso sterk onderdrukt om afstoting van de getransplanteerde stamcellen te voorkomen. Dat maakt deze groep patiënten extra kwetsbaar. Kleine contaminaties van het eten met virussen, bacteriën of parasieten kunnen levensbedreigende gevolgen hebben.

Wanneer is er sprake van een vorm van voedselvergiftiging? Afhankelijk van het soort kunnen symptomen van mild tot ernstig zijn, en treden ze soms in binnen luttele minuten en soms pas na enkele weken. De meeste voedselvergiftigingen komen binnen 1 à 3 dagen aan het licht.

Symptomen kunnen zijn:

  • Overgeven
  • Diarree
  • Buikkrampen
  • Griepachtige verschijnselen (hoofdpijn, spierpijn, koude rillingen en koorts)

Het beste is om voedselvergiftiging te vermijden en om extra zorgvuldig te zijn in de keuken. Daarbij draait alles om vier werkwoorden: schoonmaken – scheiden – verhitten – koelen

Schoonmaken

  • Maak oppervlakken regelmatig schoon en was je handen voor en na het aanraken van voedsel, maar ook nadat je naar de wc bent geweest, de vuilniszak hebt aangeraakt of zelfs je kat of hond hebt geaaid.
  • Was snijplanken –liefst geen houten!-, messen, schalen en ander keukengerei met heet water nadat je ze gebruikt hebt.
  • Gebruik liever geen textiele droogdoek of vaatdoekjes want als ze vochtig zijn, zijn ze een bron van bacteriën. Neem liever een stuk keukenrol. (De kant- en klare schoonmaakdoekjes zijn slecht voor het milieu, dus gebruik die ook liever niet). Gebruik je toch een droogdoek, gebruik dan liefst elke dag een schone en was ze op minstens 60 graden.
  • Maak schoon met antibacteriële schoonmaakmiddelen, die bijvoorbeeld ammonia of bleekmiddel bevatten.
  • Was fruit en groente onder stromend water. Zelfs voorverpakte en voorgewassen groenten, of fruit waarvan je de schil niet eet zoals bananen. Pak er desnoods een borstel bij om ze extra goed schoon te boenen.
  • Was deksels van potjes en blikken voordat je ze opent.

Scheiden

  • Houd vlees en vleeswaren uit de buurt van groente en fruit. En dat begint al bij het boodschappen doen: doe je vlees, gevogelte en vis in een andere tas dan de rest van je aankopen. Ook in de koelkast moet je je vlees en vis niet bovenop je groente en fruit stapelen.
  • Gebruik nooit dezelfde snijplank voor vlees, gevogelte en seafood, en voor groente en fruit.
  • Hou bereid vlees uit de buurt van rauw vlees. Leg bijvoorbeeld nooit een gebraden stuk vlees terug op hetzelfde bord waar het rauw op heeft gelegen.
  • Als je vlees of vis hebt gemarineerd, gooi de marinade dan weg en gebruik hem niet als saus of dressing. Tenzij je de marinade eerst tot het kookpunt verhit.

Verhitten

  • Kook op de juiste temperatuur en gebruik desnoods een voedselthermometer of kernthermometer om er zeker van te zijn dat je vlees of vis de minimumtemperatuur hebben bereikt om er zeker van te zijn dat schadelijke bacteriën gedood zijn.
  • Zachtgekookte eieren zijn misschien lekker, maar niet aan te raden. Kook ze liever tot ze bijna hardgekookt zijn. Recepten waar rauwe eieren in gaan (zelfgemaakte mayonaise bijvoorbeeld) kunnen maar beter vermeden worden.
  • Let er bij koken of opwarmen in de magnetron op dat alles gelijkmatig verwarmd wordt. Roer het eten halverwege de kooktijd door. En hou rekening met het nagaren: laat het eten 10 minuten rusten en check dan de temperatuur binnenin om zeker te weten dat de bacteriën gedood zijn.
  • Pas op met opwarmen! Laat soepen, sauzen of jus altijd tot het kookpunt komen. En laat opgewarmde restjes niet te lang staan en eet ze binnen een uur op. Meer dan een keer opwarmen is een slecht idee: gooi weg wat je na een keer opwarmen niet opeet.
  • Dit zijn de aanbevolen minimum kerntemperaturen voor vlees, gevogelte, vis en eieren. Wacht 3 minuten voordat je de temperatuur meet!
    • Rund, varken, kalf en lam (lappen of steaks): 63 graden
    • Rund, varken, kalf en lam (gehakt): 71 graden
    • Gevogelte (kip bijvoorbeeld): 74 graden
    • Eieren (omelet): 71 graden of totdat het geheel gestold is.
    • Vis en zeevruchten: 63 graden
    • Ovenschotels en kliekjes: 74 graden

Koelen

  • Zorg dat de koelkasttemperatuur maximaal 4 graden is, en die van de diepvries maximaal -18 graden. Dat is de temperatuur waarop zout water bevriest.
  • Doe vlees, gevogelte, vis en andere bederfelijke waar binnen een uur nadat je ze thuisbrengt of bereidt in de koelkast.
  • Als het warm weer is, neem dan een koeltas mee als je boodschappen gaat doen.
  • Als je bevroren voedsel laat ontdooien, doe dat dan niet door het gewoon op het aanrecht te zetten. Zet het liever in de koelkast, of gebruik de magnetron. Bij die laatste methode moet je na het ontdooien niet wachten maar meteen doorgaan met het bereiden van je gerecht.
  • Als je iets marineert, doe dat dan altijd in de koelkast.
  • Eet kliekjes binnen twee dagen op.

Sommige voedingsmiddelen en gerechten kunnen zelfs maar het beste vermeden worden door mensen met bloedkanker die een stamceltransplantatie hebben gehad, omdat ze een hoger risico op voedselvergiftiging met zich meedragen. Pas dus op met:

  • Rauw vlees en rauwe vis (sushi bijvoorbeeld), rauwe eieren en zelfs rauwe tahoe. Ook roodgebakken biefstuk is niet aan te raden.
  • Ongepasteuriseerde melk en rauwemelkse kazen.
  • Ongewassen fruit en groente.
  • Rauwe spruitgroenten zoals taugé en alfalfa.

Zeker in de eerste drie maanden na een stamceltransplantatie zijn hemato-oncologische patiënten erg kwetsbaar. Overleg met een diëtist is belangrijk, maar de volgende voedingsmiddelen dragen risico’s mee en kunnen misschien maar het beste vermeden worden:

  • Melk of zuivel die niet direct uit de koelkast komt.
  • Kaas die niet voorverpakt is.
  • Gebak met slagroom erop of erin.
  • Niet-voorverpakt ijs.
  • Niet-voorverpakte vleeswaren.
  • Fruit en groente met beurse plekjes.
  • Zacht fruit dat niet goed gewassen kan worden, zoals aardbeien.
  • Groente met een ruw oppervlak die moeilijk goed te reinigen is, zoals broccoli.
  • Voorgesneden fruit.
  • Verse vruchtensappen uit de winkel.
  • Water uit openbare drinkfonteinen en dergelijke.
  • Ongepelde en ongebrande noten.
  • Voedingssupplementen, zoals probiotica.

En pas op met alle gedeelde dingen, zoals bijvoorbeeld de melk in de coffeeshop of een schaaltje borrelnoten of chips.

Nog meer tips bij het boodschappen doen:

  • Let extra goed op houdbaarheidsdata en hou je eraan. Neem geen enkel risico.
  • Koop geen voedsel in beschadigde, gescheurde of gedeukte verpakking.
  • Vermijd producten uit zelfschepbakken.
  • Als je boodschappen doet, pak dan de gekoelde en bevroren items als laatste zodat ze zo kort mogelijk buiten de koeling zijn.
  • Bewaar eieren en melk niet in het deurvak van je koelkast maar leg ze op een van de schappen. Dat houdt ze koeler.

Uit eten gaan

Het is niet aan te raden om in de eerste drie maanden na een stamceltransplantatie in een restaurant te eten. Volg daarbij altijd het advies van de behandelaars en van de diëtist. Wanneer het veiliger is om buiten de deur –in een restaurant of bij bekenden- te eten dan blijft het wel zaak om verstandig te eten en rauw voedsel te vermijden. Kies liever voor kokendhete gerechten dan voor een sandwich of een salade. Vermijd de buffetten en salad bars, kies geen eten dat onder een warmhoudlamp heeft gelegen en kijk ook uit met afhaalmaaltijden.

Supplementen

De artsen van het Sloane Kettering ziekenhuis ontraden mensen die een stamceltransplantatie hebben ondergaan om supplementen te slikken zonder er eerst met de behandelaars over te praten. Dat advies geldt voor kruidenremedies, homeopathische middelen, maar ook voor probiotica en vitaminepillen.

Proteïnen en calorieën

Mensen die voor kanker behandeld worden hebben vaak een verminderde eetlust en lopen het risico op een tekort aan proteïnen. Dat leidt tot een algehele afname van de conditie, en dat bemoeilijkt het genezingsproces. Het is dus zaak om ervoor te zorgen dat mensen de juiste voedingsstoffen binnenkrijgen. En dat kan betekenen dat er even niet op ‘light’ producten gelet wordt.

  • Vermijd magere of ‘light’ producten en kies bijvoorbeeld voor volle melk en volvette kaas.
  • Snack met gedroogd fruit, noten en zaden, die zijn rijk aan proteïnen. Voeg ze toe aan salades of aan ontbijtyoghurt.
  • Doe boter of olie bij groenten, aardappelen of rijst.
  • Kies voor calorierijke dressings voor salades, bijvoorbeeld op mayonaisebasis in plaats van een vinaigrette.
  • Wees niet zuinig met room in recepten.
  • Er bestaat ook calorierijk medisch voedsel dat op doktersvoorschrift verkrijgbaar is.

Meer proteïne toevoegen is ook belangrijk. Dat kan door te kiezen voor vlees, vette vis, zuivel, eieren en bonen. Proteïnen kunnen ook ‘verborgen’ toegevoegd worden, bijvoorbeeld door melkpoeder aan soepen of puree toe te voegen. Kies ook voor snacks als noten en kaas.

Mensen die voor kanker behandeld worden hebben vaak ook moeite met eten en voelen zich halverwege de maaltijd al vol. Daardoor ontstaat het risico dat iemand onvoldoende voedingsstoffen binnenkrijgt. Het is een verstandig idee om dan vaker te eten. Liever zes kleine maaltijden dan drie grote. Ook is het aan te raden om tijdens het eten niet te drinken; doe dat liever voor of na de maaltijd. Kies voor voedsel met meer proteïnen en calorieën. En maak na het eten een wandeling om de spijsvertering op gang te helpen.

Misselijkheid

Misselijkheid is een veel voorkomend ongemak bij kankerpatienten. Het kan veroorzaakt worden door bestraling, chemotherapie, maar ook door pijnstillers en andere medicatie. Ook hiervoor geven de artsen van het Memorial Sloane Kettering Cancer Center een aantal tips.

Vaak wordt de misselijkheid getriggerd door de geur van eten. Een tip is dan om koud voedsel te eten zoals een sandwich of een salade. Koud voedsel geeft minder geur af dan warm voedsel. Probeer ook uit de keuken te blijven als er pannen op het vuur staan en vraag of iemand anders voor je opschept. Wacht een paar minuten voor je gaat eten zodat het eten wat afgekoeld is en minder geur verspreidt.

Misselijkheid kan ook voorkomen of verminderd worden door een aantal andere aanbevelingen op te volgen.

  • Eet liever meerdere kleine maaltijden dan twee of drie grote. Dat voorkomt dat je je erg vol voelt en misselijk wordt.
  • Drink niet tijdens het eten, maar ervoor of erna.
  • Eet langzaam en kauw goed, en laat na de maaltijd het eten even bezinken.
  • Let op je omgeving: probeer in een prettige ruimte te eten met een behaaglijke temperatuur en draag comfortabele kleding.
  • Probeer in gezelschap te eten, dat leidt af van een eventueel misselijk gevoel.
  • Vermijd eten dat te vet is, of erg pittig is. Ook zoetigheid is niet aan te bevelen.

Naast misselijkheid hebben mensen die met chemotherapie behandeld worden ook vaak last van diarree of juist het tegenovergestelde: obstipatie. Ook daar kan met de voeding rekening mee gehouden worden.

  • Drink minstens 2 liter per dag, liefst water. Dat voorkomt uitdroging bij diarree. Als de diarree ernstig is, kies dan voor water met toegevoegde elektrolyten of voeg ORS (oral rehydration salts) aan het water toe.
  • Vermijd voedsel dat te warm, te koud, te zoet, te vet of te pikant is.
  • Vermijd rauw fruit en rauwe groenten, noten en groenten waar je winderig van kunt worden zoals uien, koolsoorten en bonen. Kies in plaats daarvan voor goed gaar gekookte groenten of groenten en fruit uit blik.
  • Bij verstopping is het goed om meer vezels aan je dieet toe te voegen, zoals fruit, groenten en hele granen.
  • Ook bij verstopping is het zaak om veel te drinken, minstens 2 liter per dag. Dat helpt om de ontlasting zacht te houden.

Mensen die tegen kanker behandeld worden hebben ook vaak last van een droge mond, en ook dat kan een probleem zijn bij het eten.

  • Kook voedsel tot het zacht is, en pureer het desnoods.
  • Snij voedsel in kleine stukjes die makkelijk te kauwen en door te slikken zijn.
  • Spoel de mond regelmatig met water.
  • Drink tijdens het eten, en neem na elke hap een klein slokje.
  • Drink met een rietje als de mond erg gevoelig is.
  • Neem kauwgom of pepermuntjes om de speekselproductie op gang te helpen.

Metalige bijsmaak

Veel mensen die met chemotherapie of radiotherapie behandeld worden melden ook dat ze minder proeven, of dat dingen opeens anders smaken. Een metalige of bittere bijsmaak wordt bijvoorbeeld vaak gemeld. Maar ook daar kunnen dingen tegen gedaan worden.

Als het eten smakeloos is kunnen er kruiden toegevoegd worden, maar ook uien en knoflook. Sauzen zijn ook een optie, zoals sojasaus, sambal of mosterd. Daarnaast kun je vlees ook marineren om er meer smaak aan toe te voegen. Probeer liever niet te veel zout of suiker toe te voegen.

De nare metalige of bittere smaak in de mond kun je verminderen door voor het eten de mond te spoelen, vaak je tanden te poetsen, een tongschraper te gebruiken en regelmatig te drinken. Marineer vlees of vis met wat citroensap, en kies vaker voor zuivel in plaats van vlees als eiwitbron. Een slimme tip is om geen metalen bestek te gebruiken, maar plastic.

Meer informatie

Lees hier het artikel ‘Eating well after your stem cell transplant’ van het Memorial Sloane Kettering Cancer Center

Bezoek de website Voeding en Kanker Info.